De Oostenrijkse schrijver Heimito von Doderer (1896-1966) werd tijdens de Eerste Wereldoorlog door de Russen gevangen genomen en naar Siberië gedeporteerd. Na vier jaar krijgsgevangenschap keerde hij in 1920 naar Wenen terug, waar hij in 1925 in de psychologie promoveerde. Zijn oorlogservaringen verwerkte hij in verschillende romans. Terugkerende thema’s in zijn werk zijn de 'tweede geboorte' en de demonische kracht van het individu. Zijn beroemdste boeken zijn Die Strudlhofstiege (1951) en Die Dämonen (1956). Ieder mens een moordenaar verscheen voor het eerst in 1938. Heimito von Doderer ontving in 1958 de Oostenrijkse Staatsprijs voor Literatuur.
|